Posts tonen met het label cultuur. Alle posts tonen
Posts tonen met het label cultuur. Alle posts tonen

dinsdag 12 maart 2013

Beleid dat niet werkt


"Het succes van een generaal staat gelijk aan de daadkracht van zijn soldaten."
                                                                                                             — Sam Rain
Er zijn bewindvoerders die zich thuis voelen wanneer zij een angstcultuur scheppen. Angstcultuur betekent dat het bestuur een omgeving stimuleert, waardoor men beslissingen zal nemen, gemotiveerd om een negatieve consequentie te vermijden. Wie gedreven wordt door angst, beperkt zichzelf. Het probleem is dat een persoon die gedreven wordt door angst, het eigen belang in hogere achting neemt dan het maatschappelijk belang; terwijl juist bewindvoerders het laatste zouden willen bevorderen.
De kracht van iedere onderneming ligt in haar organisatie. Organiseren is breder dan het bepalen van wie een bepaalde rol vervult; de bewindvoering is verantwoordelijk voor de gezondheid waarin de onderneming zich bevindt. Bij bewindvoering staan twee gebieden centraal: beleid en autoriteit. Beleid bestaat uit de fundamenten waaraan een onderneming zich houdt, zoals de regels en procedures. Autoriteit staat voor de uitvoeringsmacht van het beleid. Wie autoriteit heeft gekregen, heeft de macht om het beleid te handhaven.
Angstcultuur wordt gecultiveerd wanneer bewindvoerders, door middel van autoriteit, resultaten willen afdwingen. Men verwacht niet meer redelijkerwijs van de uitvoerder om bepaalde taken uit te voeren, maar geeft bevelen die gecommuniceerd worden als éénrichtingsverkeer. Vaak zijn de argumenten hetzelfde: tijdsnood, druk van externe partijen of financiële problematiek. Toch ligt de kern bij hen die angstcultuur in stand houden; het zijn vaak bewindslieden die zich een admiraal wanen op een vlaggenschip in tijd van oorlog.
Wie geremd wordt door angst, ziet zelden de kansen en mogelijkheden van alternatieven — maar ook nadelige consequenties op de langere termijn. Niet voor niets ontstaan grote blunders, omdat de uitvoerder vaak de mond wordt gesnoerd. Want als de bewindvoerder zich als een slager gedraagt die zijn eigen vlees keurt of geen kennis neemt van mogelijke gevolgen, kan deze onder grote druk een catastrofe veroorzaken.
Onderdrukkers zijn meestal mensen die psychologisch zich vaak onder druk gezet voelen of ooit zelf onderdrukt zijn; het dictatorschap in de onderneming geeft een gevoel van valse zekerheid — ze denken zo het heft in handen te hebben. De piramides zijn immers ook tot stand gekomen met de zweep, lijkt de rechtvaardiging te zijn. Een onderneming is echter geen solide vorm; ze is altijd bewegelijk met de markt. De verbondenheid van de uitvoerders met de onderneming is daarom cruciaal: juist in tijden van noodzaak.
Wie een bewind voert met angst als strategie kan succesvol zijn — neem bijvoorbeeld het regime van Steve Jobs bij Apple — maar loopt het risico dat de concurrent het aantrekkelijk kan maken om menselijk kapitaal weg te trekken door relatief vrij goedkope secundaire voorwaarden aan te bieden. Ook onvoorzienbare kosten door verzuim kunnen ineens opduiken; het groeiend verzuim veroorzaakt door burnouts kunnen belangrijke schakels doen breken om een enkel voorbeeld te noemen.
Men hoeft geen hippiecultuur te propaganderen binnen een onderneming, maar een angstcultuur creëren brengt meer risico's mee. Zaken doen is oorlog, maar het moraal van je soldaten ontkennen als succesfactor staat garant voor deserteurs.
©SamRain
Beleid

maandag 21 januari 2013

Angstcultuur wordt gekweekt


"Angst is een gevaarlijk machtsmiddel."
                                                  — Sam Rain
Mensen zijn zich er niet van bewust. Angst ziet men als een persoonlijk begrip gekoppeld aan negatieve ervaringen. Angst is een biologisch mechanisme dat voorkomt dat we domme dingen doen. Praktisch gezien verhoogt angst onze overlevingskansen, maar het maakt ons tevens vatbaar voor manipulatie. Angst beïnvloedt ons gedrag.
Psychologen en zelfbenoemde deskundigen zullen het met me eens zijn — ieder mens heeft angst als het ware ingebouwd; hoe we met deze angst omgaan kan veelal omschreven worden als het 'vecht- of vluchtgedrag'. Wie geconfronteerd wordt met angst, afhankelijk van de intensiteit, zal van nature met een vecht- of vluchtreflex reageren. Maar omdat we als mensen flexibel zijn kunnen we, heuristisch gezien, deze reflexen onderdrukken en zelfs veranderen. Zodoende kunnen we aangeleerd reageren op angstsituaties.
Het natuurlijke reflex is genetisch — er zijn nu eenmaal mensen die van nature een actiever vechtgedrag hebben of mensen die vaker reageren met vluchtgedrag. De schrikreactie wordt naarmate de ervaringen die mensen meemaken aangepast om met het schrikpatroon om te kunnen gaan. Dankzij deze 'intelligentie' zullen mensen die opgroeien in de rimboe niet zo snel een fobie hebben voor dieren, echter zullen zij slapeloze nachten krijgen door bijvoorbeeld een monotoon gegenereerd geluid, in tegenstelling zoals vele van ons op de maandagochtend zullen reageren op het alarm — we zijn het 'gewend' geraakt.
Wie het vechtgedrag vertoont wordt veelal gezien als 'dapper', 'moedig' of 'dwaas' en het vluchtgedrag zijn de tegenpolen. Hoe dan ook, angst doet ons bewegen; door angst maken wij sneller beslissingen. Ook op de lange termijn. En dat weten overheden, media en andere opportunisten — wie angst zaait, doet mensen bewegen.
De westerse media gebruikt angst om te shockeren — sensatie verkoopt en nieuws geeft nu eenmaal de nodige discussies. Daarom zijn oorlogen 'hot', en voelt iedereen de crisis meer geestelijk dan daadwerkelijk in de portemonnee. Angstcultuur wordt ook veelal gebruikt door dictators en andere bezetters — het stellen van 'voorbeelden', zoals executies. Met een duidelijke boodschap — wees bang.
Neem nu eens de eindtijd voorspellingen. De wereld vergaat dan, of spoedig. En stel, dat je het gelooft — dan ben je dus in de ban van de angst dat dit gaat gebeuren. Dezelfde angst die je doet handelen naar het denkbeeld dat geschapen wordt. Want er zijn altijd 'feiten' of 'bewijzen' die overlegd worden, die erop wijzen. Angst maakt kwetsbaar. Angst wordt daarom goed gecultiveerd door hen die mensen willen bewegen naar een bepaalde richting. Kijk naar de val van regeringen. Kijk naar de revoluties van vrijheidsstrijders. Het tactisch gebruik van angst om paniek te zaaien. Want cruciale veranderingen, dat levert een hoop stress op.
En of het nou de eindtijd is, een oorlog uitbreekt met rellen of dat de muntwaarde in elkaar zakt — als het komt, dan komt het. Chaos is namelijk wat anders dan paniek. Want paniek, tja, is een massale angst die mensen doet bewegen. Immers, een kat in nood maakt rare sprongen.
©SamRain
Angst

zondag 25 november 2012

Het Universele Broederschap


"Iedereen heeft een mening over religie, behalve over die van hun eigen.”
                                                                                                             - Sam Rain
Alle overtuigingen hebben een kern van waarheid. Volgens de één absolute Waarheid, volgens de ander een deel van de waarheid. Het is namelijk een kwestie van geloof— er zijn geen solide argumenten, historische feiten of kronieken die onbetwistbaar zijn. Dit betekent simpelweg dat je wel of niet de autoriteit en/of de integriteit van de boodschap erkent.
Religie geeft antwoorden op de vragen die mensen aan zichzelf stellen. Waar komen we vandaan? Waarom komen we daar vandaan? Waarom gaan we dood? Wat gebeurd er met ons als we dood zijn? En last, but not least - wat is ons doel hier totdat we doodgaan? Voor de ene religie zijn we eeuwig dolende zielen op een rad en voor de ander voorbestemd gemaakt om over de wereld te heersen. Het is een keuze. Het zijn keuzes.
Religie geeft ons cultuur; een handleiding om met onszelf en anderen om te gaan. Een soort van rampenplan: wat te doen wanneer de volgende signalen afgaan? Dezelfde cultuur zorgt voor een collectieve missie: zorgen voor onszelf en voor anderen. Cultuur zorgt dat we verkeerde invloeden weren en het ‘pad’ blijven volgen van onze geestelijke ontwikkeling.
Religie gebruikt effectief ons eigenbelang tegen onszelf; wat we van ‘nature' doen, moeten we afleren. Of we zondig zijn of niet, maakt niet uit. Afleren moeten we en nieuwe dingen leren. Zoals discipline, met voorkeur zonder individualiteit. Want daar hebben we meer belang bij. Lange termijn denken, bij voorkeur tot zelfs voorbij de dood.
Religie staat voor controle. Controle over je bestaan. Controle over je geest. Controle over je doel. Religie is dus voor mensen die graag zaken onder 'controle' hebben. Structuur, net zoals mensen graag het een en ander geordend willen hebben in diverse kleuren tabbladen, stickers en nummers. Want dan hoef je er minder over na te denken. Dan hoefje er niet bij stil te staan. Stel je voor dat je alles zou moeten evalueren - daar heb je toch geen tijd voor!
Maakt religie ons gelukkig? Dat is afhankelijk van hoe je leven erbij staat. Heb je het geluk, dan gaat het leven voor de wind en lijken de rituelen het juiste effect te hebben. Echter zijn religieuze praktijken geen natuurwetenschappen; het resultaat kan niet gegarandeerd worden. Wie beweerd van wel, daag ik bij deze uit om de nummers van de aankomende loterij naar me te sturen, met de plechtige belofte dat iedere cent naar ontwikkelingssamenwerking gaat. Ik durf te garanderen dat de kans 1 op de Pi zonder komma macht ziljard dat zoiets niet gaat gebeuren op de wijze hoe ik het zojuist beschreef.
Hebben we religie nodig? Nee. Spiritualiteit - zeker. Spiritualiteit is het ontwikkelen van je geestelijke vermogens. Of je dat nu doet met Jezus, Allah, Krishna of Boeddha - dat bepaal jezelf. Religie biedt geen verlossing, maar structuur. Net zoals een kalender handig is voor verjaardagen en partijen. Echter biedt geen enkele religie garantie. Kunnen ze ook niet.
Waarom is er niet gewoonweg een Universele Broederschap? De boodschap is simpel, wees lief voor elkaar. Dat is alles. Geen rituelen. geen geschriften, geen discussies. Gewoon alleen dat. Als ieder mens dáár nou in gelooft, dan zijn we toch gewoon klaar?

zondag 16 september 2012

De Middeleeuwen vandaag: De Nederlands Hindoestaanse Cultuur


“Een dwangbuis is vergelijkbaar met de Nederlands Hindoestaanse cultuur.”
                                                                                                            - Sam Rain
Cultuur begrijp je pas als je overstapt. Binnen een cultuur verlies je objectiviteit; mensen die culturen veroordelen hebben een ‘eigen’ cultuur – opvattingen over de hoe en wat van de maatschappij, normen en waarden met de nodige onzin om het te rechtvaardigen. Want zo werken culturen.
De hindoestaanse cultuur in Nederland is één van de vele die vreselijk achterhaald is. Wie zich nog in de jaren ’80 mentaliteit bevindt, vindt Nederland helemaal niets en bevindt zich in een scheefgegroeide persoonlijkheidsstoornis. Zoals dat vrouwen minder zijn dan mannen, dat wat je hebt belangrijk is en dat je ‘familie’ zou mee mogen bepalen in je toekomst.
Eer bla bla, achtergrond bla bla, geloof bla bla.
Eten bijvoorbeeld. Rund slash varkensvlees enzo. Volgens de hindoeritus, verzint men, is gevogelte en vis ‘okay’ en de rest niet. Meestal opgedreund door de mensen die maar twee boeken kennen van de ‘Mahabharat’. Nee, helaas is het geheel vegetarisch voor wie dogmatiek zo belangrijk vindt; het is echter geen garantie voor verlossing.
Trouwen. Wat betekent het? Dauri in Nederland is niet bepaald gebruikelijk, maar zit er voor de vorm bij. Moet voordat je gaat ‘samenwonen’ enzo; seks is taboe voor meisjes en de homofobie wordt met leugen en al verdedigd tezamen met racisme (echt waar). Een vrouw die een partner kiest, zou niet volgens haar grondrechten belemmerd moeten worden door een kale peuleneter in lakens. En dat gelieg over maagdelijkheid (come on) is allemaal poppenkast. Alsof hindoestaanse mannen zo SOA-vrij zijn – oh nee, want voor mannen ligt dat anders.
Familie. Waarom bemoeien ooms en tantes zich met de zaken van hun broers en zussen alsof het collega’s zijn. De familie BV is een vreselijk benauwend ‘iets’, waar hiërarchisch geen touw aan vast te knopen is. Wie heeft het recht om te ‘beslissen’ over een ander? Waarom moet je in dienst staan van je familie?
Geld. Aanzien. Ego. Het is eenal narcisme en een vals superioriteitsgevoel. Wie dat heeft is ge-wél-dig en wie die ‘positie’ heeft is ge-wél-dig. Al dat getokkie is om moe van te worden. Wat kàn het salaris van een ander je nu echt interesseren? Lekker belangrijk dat iemand z’n titel zo geil vindt. Waanzin.
Drank. De taboe in schijnwerpers. Zuipen, zuipen, zuipen en misdragen. Oh nee, dan telt respect niet. Respect voor je vrouw. Respect voor je kinderen. Respect voor jezelf. ‘Nergens zijn honden’, maar zelf stiekem zuipen uit ‘de kofferbak’ of een dopje tijdens een ‘katha’ (eredienst). Wie gedraagt zich nu als een ‘koeta’?
Racisme. Ja, ik zeg het. De taboe waar men niet over praat. Echt, de FC Kip sketch van de Dino Show slaat de spijker op z’n kop; en het is maar het topje van de ijsberg. Gelukkig zijn Hindoestanen heilig en perfect geboren!
En het allerergste is dat ik, een verstandig mens, als deze zaken rechtvaardigde als ‘normaal’.

vrijdag 8 juni 2012

Het fenomeen Hindoestaan: Jongens, jongens en nog eens jongens


“Het motto van vrouwen: vind de perfecte man en verander hem.”
                                                                                                - Sam Rain
Hindoestanen zijn een kampioen in generaliseren – niet alleen zijn we stempeldrukkers, maar gooien er zonder pardon kleursel en poeder overheen alsof het lentefeest is aangebroken. Dat wil niet zeggen dat iedereen in een hokje past; mede omdat ik zelf een uitzondering ben, kan ik een redelijk goed onderscheid maken. Dat neemt niet weg dat er, met grote knipoog, eenmaal stereotypen zijn – die een beetje gebaseerd zijn op de waarheid.
De hindoestaanse jongen is er één met bagage; mamma’s kindje en papa is blij met de naam instandhouding. Omdat de meeste hindoestanen uit een gezin komen met de regel ‘family first’, danken hindoestaanse jongens een typische afhankelijke karaktertrek uit het nest. Ze hebben een eigen mening, maar zijn in krachttermen zelden terug te vinden – wat ze vinden moet nu eenmaal kloppen aan de ‘Hoge Raad’. Pas bij haaruitval en een woonafstand van ten hoogte van een volle tank benzine veranderd de hindoestaanse jongen – om zich te ontpoppen als ware man / tiran / politicus / betweter / zeurkous.
De ‘bhaiwa’ is een eigenaardig type; hun poezelige stemmetje en stekeltjeshaar gaat gepaard met de kledingstijl van hun vader. Modetrends zijn hun onbekend, hoewel ze ongegeneerd een ‘fashion statement’ plaatsen op feesten en partijen. Een knalrode jas, een groene pantalon en op verjaardagen een das – over het sokkenpatroon nog geen woord gerept – met de schoenen van grootvader. Deze jongens worden door hun moeders opgedrongen en voorzien van curriculum vitae tijdens religieuze feestdagen. De ‘bhaiwa’ kent geen ambitie buiten een HBO-titel en zet een Renault als droomwagen. De ‘Bhaiwa’ ontwikkelt zich later tot ‘ouwe vrek’.
De ‘bander’ is een bhaiwa met een identiteitscrisis; de ‘bander’ heeft nergens een mening over en wandelt verplicht mee op de nodige feesten en partijen. Thuis eet de ‘bander’ vegetarische rijstgerechten om stiekem op schoolreisje zich te goed te doen aan een Big Mac de Luxe. Net als de ‘bhaiwa’ hebben ze geen ambitie – titels doen ze niets en een HAVO of MBO is voldoende voor het beroep dat ze gaan uitoefenen – echter wel een gevoel voor mode. Romantiek leren ze uit Bollywood films om later in hun leven een façade te ontwikkelen als een ‘manusje’.
Bollywoodjes zijn hindoestaanse jongens met een fetish voor haarlak en danspasjes. Ze wanen zich de Hritik Roshan zonder gekke vingers en leven op volome 100 plus bass. Waar Narcissus nog van zou opkijken, wanen deze sterretjes zich het epicentrum rodel tandloze wolven (zonder het besef tandloos te zijn). Een Bollywoodje draagt zonnebrillen ’s nachts en rebelleert tegen het traditionele trouwen – om later een bierbuik en gouden tand te krijgen wanneer zij ontwikkeld zijn als de ‘cafe-moosa’.
Welke schoonmoeder in spe houdt er niet van de ‘Radjkumar’? Deze ideale schoonzoon heeft alles wat ouders voor hun dochter willen – koophuis, 4-deurs, overheidsbaan, doctoraal en gouden sieraden plus een achternaam op stand. Ze zijn alleen kaal, lelijk en te dik – hoewel ze een voortreffelijke persoonlijkheid kennen, hebben ze de voorkeur voor bollywood meisjes.
Er zijn ook ‘banders’ die graag gangster zijn – eigenlijk zijn het negers met sluik haar op gympies, onderhevig aan Surinaamse, Antilliaanse en MTV invloeden. Eigenlijk is het enige hindoestaanse aan ze verscholen in hun DNA...

maandag 5 maart 2012

Dieper in cultuur: Het valse idool


“Wij dragen onze helden even snel als we ze werpen in een ravijn.”
                                                                                                - Sam Rain
Tradities zijn gebruiken die ooit door een verre voorouder geïntroduceerd werden voor een symbolische reden. Hoewel in veel culturen de historie van tradities feitelijk niet meer gestaafd kunnen worden, zijn typische gebruiken niet weg te denken. Sommigen hadden een praktische oorzaak; de ‘meter’ van Napoleon is een goed voorbeeld. Anderen zijn wat merkwaardiger, zoals mummificatie of skeletbeschildering, vanwege de filosofische denkwijze.
Bij een idool denkt men tegenwoordig aan een bekend popster of actrice; oude indianenstammen verkozen liever het dierenrijk, de brahmanen zogenaamde halfgoden en de Keltische druiden hadden de ‘Stonehedge’. Vaak genoeg beginnen de meeste lokale tradities in een cultuur rondom een ‘idool’ – een rolmodel dat de weg wijst voor alle ‘volgelingen’. Zo hadden de oude Grieken hun legendes van helden, zoals Achilles – waarop een cultuur van strijders ontstond. Nog steeds zijn er vreedzame groepen die zich vastleggen aan het verzetten zonder geweld, naar aanleiding van de historie van Gandhi. De gebruiken van idolen worden tradities in de vorm van symboliek; de witte hoed en ‘moonwalk’ van Michael Jackson tot de ‘dowry’ – de Indiase bruidschat.
Dat niet alle gebruiken even praktisch meer zijn, heeft meer te maken met de onwetendheid over cultuur dan het gebruik op zichzelf. Hedendaags is een cultuur gekoppeld aan religie of is de mix door ‘multiculti’ een soep geworden waarvan de ingrediënten zijn vergeten. Toch wordt de cultuur nog steeds bepaald door idolen. Mark Rutte mag zijn best blijven doen, maar Lady Gaga heeft 1000 maal meer invloed op de Nederlandse cultuur in een zelfgemaakt YouTube filmpje, dan de miljoenen die Mark besteed aan cultuur. Waarom? Omdat we het cultureel nodig hebben om mensen te verheffen; zo ontwikkelen we verder.
Omdat men idolen niet serieus neemt, heeft men geen invloed meer op de cultuur. Een ‘leider’ hoeft namelijk niet een idool te zijn, maar idolen zijn wel degelijk leiders. Beiden worden verheven door hun draaggroep, echter heeft de ‘leider’ een praktische rol voor concrete zaken en is het idool de innerlijke reflectie van onszelf. Idoliseren we geld, dan zijn we innerlijk vol met goudkoorts. Idoliseren we dieren, dan hebben we eigenlijk een hekel aan mensen. Idoliseren we een God of Goden, dan erkennen we onze onvolmaaktheden en onmacht. Idoliseren we een atleet, dan projecteren we ons competitief gedrag.
Idolen hebben is geen verkeerde keuze; rolmodellen bepalen onze culturele ontwikkeling. Er zijn echter wel bedrieglijke idolen; zogenaamde Gangster rappers die de verkoop van drugs verhemelen of erger het gebruik ervan, filmsterren en rockmuzikanten die talent het wereldje van Sex, drugs en Rock ’n Roll nauwelijks overleven of een haatimam die vind dat vrouwen achter een aanrecht horen. Als je een destructieve idool hebt, dan is de kans groot dat jezelf destructief bent.
Omdat we allemaal zelf onze idolen mogen kiezen, kunnen we geen idolen verbieden, noch opdringen. Vaak beweren de hedendaagse idolen dat ze ‘slechts’ hun werk doen of alleen muziek maken; maar de ‘functie’ idool is dan niet duidelijk gemaakt. Zonder idolen ontwikkelen we niet en we verheffen juist deze mensen als eerst omhoog, zodat ze hun hand kunnen uitsteken om een niveau te overstijgen.

Dieper in cultuur: Veranderen van opvatting


“We kunnen dezelfde zin verschillend interpreteren.”
                                                                        - Sam Rain
People change; het is een feit dat mensen zich blijven ontwikkelen gedurende hun leven. Hoe men verandert wordt bepaald door de invloeden waaraan men wordt blootgesteld. Het sociale netwerk, de plaatselijke autoriteiten, de media en andere beschikbare middelen zijn de factoren die verandering mogelijk maken. Echter bieden deze de omstandigheden en niet de oorzaak.
Alles wat we doen is herhaling; patronen bepalen ons gedrag tot in het diepste der details. Wanneer er onverwacht iets gebeurd, verbreekt ons patroon – we ervaren ‘stress’. Wanneer wij een nieuw patroon leren, kunnen we met stress omgaan; we hebben dan een patroon voor wanneer ons patroon verbroken wordt.
Dat ‘stress’ ook gezond is, zal door het bovenstaande wel duidelijk zijn. Stress verlangt van ons om te ontwikkelen om de prikkels te voorkomen. Dat geldt ook voor veranderen; radicale veranderingen worden veroorzaakt door ‘stress’. Stress is niet alleen dat gevoel dat je onder druk het vijfgangen menu op tijd af hebt voor de aankomende gasten; het kan een positieve ‘schok’ zijn, zoals medeleven bij het zien van kindjes uit Afrika – opdat je gaat schenken. Stress wordt dan ook veelal verspreidt door mensen; men creëert verwachtingen, die stress opleveren als men daar niet aan voldoet.
Het bekeren tot een religie bestaat vaak uit het beoefenen van stress op mensen; door hen te confronteren met feiten waardoor men stress ervaart, ‘geeft’ men de oplossing van een nieuw patroon. Buiten discussie houd ik het nut van deze patronen, maar het is veilig te stellen dat ‘hersenspoelen’ op dezelfde manier werkt – ongeacht de motieven en de resultaten ervan.
Het losbreken uit een cultuur is niets meer dan een nieuwe cultuur aannemen; wij als mensen kunnen niet zonder een vorm van cultuur, omdat we nu eenmaal sociale wezens zijn. Het is daarom niet verwonderlijk dat een radicale moslim een atheïst wordt en vice versa; een brave Christen zich kan bekeren naar een moorddadige terrorist. Met de juiste stress, autoriteit en sociale druk zijn de meeste mensen ontvankelijk voor culturele omslag.
Binnen een cultuur gaat het om de gemeenschappelijke opvatting; jongeren onderling hebben hun eigen cultuur en subculturen – waar er duidelijk sprake is van discriminatie en machtsvertoon om stress te veroorzaken. Wie niet conformeert aan de opvatting, valt buiten de cultuur. En als sociale wezens zijn we vanuit onze natuur allergisch voor uitsluiting en isolement.
Eenmaal in een cultuur breekt men pas uit bij voldoende stress of de verandering van de opvatting door de leider. Zoals iedere controlestructuur wordt men psychologisch afhankelijk van de groepsleden, waardoor men zich loyaal verplicht voelt. Nu hoeft dat niet negatief te zijn, maar bij een sterke negatieve invloed van een ‘extremistische’ leider kan een grote groep snel omslaan naar een haatdragende cultuur. Typische voorbeelden zijn de militairen die wangedrag vertonen op een ‘vredes’-missie of het doodstenigen van een meisje zonder hoofddoek.
Veranderen van zulke cultuur kan alleen met patroonverbrekende middelen; zonder confrontatie, zonder stress en autoriteit houd een cultuur stand. Mensen kunnen simpelweg makkelijk iets aanleren dan afleren; je begint binnen een minuut met roken, maar het duurt wel even voor je er vanaf brengt. Want die waarschuwing op dat pakje is een ‘stressor’ om je van de rokerscultuur te ontdoen.
©SamRain
Veranderen

zondag 4 maart 2012

Dieper in cultuur: Religie als wapen


“Het mooiste dogma is het links laten liggen van dogma’s!”
                                                                                    - Sam Rain
Religie klinkt voor sociaaldarwinistische groepen als een uit de hand gelopen hobby. Door onze wetenschappelijke vooruitgang besteden we steeds vaker het werk van God uit – waar een groeiende gemeenschap Hem het liefst wegbezuinigd of op staande voet ontslaat. Religie op zichzelf is echter een concreet gegeven via een ondefinieerbaar abstracte overtuiging; het is de onwrikbare media voor cultuur.
Niets verbindt beter dan een gemeenschappelijke vijand; de gezichtsloze directe, het parlement of de Belastingdienst zijn typische voorbeelden van de ondergeschikte gelijkgestemden. Wij als mensen, net als chimpansees en bonobo’s, hebben graag een vijand. Een vijand hoeft niet persé met geweld verdreven te worden. Religie lost een hele hoop culturele zaken op, inclusief de vijandschap.
Hoewel de religies vaak worden gezien als poppenkast voor volwassenen, is het een effectief controle systeem. De ‘leider’ is immers overal aanwezig en superieur aan iedereen in de groep, waarbij zijn secretaris (voorganger, imam, pandit, opperhoofd, sjamaan, rabbijn of pastor) de zaken voor Hem waarneemt. Vanwege de receptuur en de wetten van religie zijn de ingrediënten van cultuur opgepept met peper en zout – en afhankelijk van de religie, een Madame Jeanette. Waar theologen en radicale orthodoxen pogen te ontkennen, is religie de nummer 1 van alle controle structuren in culturele organisatie.
Zoals in iedere vorm van media, draait de effectiviteit in de autoriteit ervan. Niet voor niets zijn de grootste rebellen van religie diegenen die de autoriteit in twijfel brengen. Maarten Luther was, voor het sociaaldarwinisme überhaupt bestond, één van de cruciale bewegers van de hervorming in Nederland door de ‘media’ van Christendom 1.0 in twijfel te brengen – ‘wat men doet, is niet wat er staat’, zou Maarten getwitterd kunnen hebben.
De prins Siddharta (‘Boeddha’) vond het wel welletjes; na zijn verlichting, besteedde hij veel tijd aan de revisie van de Veda’s – waarna het Boeddhisme, Taoïsme en Zenboeddhisme een culturele verandering teweeg bracht in Azië van filosofie tot architectuur. Hierdoor scheidde hij van het traditioneel hindoeïsme naar diverse subreligiën waarbij het Zelf centraal stond, dan de ‘Deva’s’ (halfgoden). De cultuur van monniken is, zelfs na de tijd van moderne vooruitgang, onveranderd gebleven.
Een typische cultuureigenschap van de Islam is het opleggen van de Sharia; deze Islamitische wetgeving is conform de cultuur die de Islam propageert. Vanuit het oogpunt van de Islam is de Sharia de oplossing voor de samenleving; echter botst dit met andere belangengroepen, zoals het Christendom 5.1 en het sociaal darwinisme. De culturen komen simpelweg niet overeen vanwege de ‘autoriteit’ van de Sharia.
Het naleven van de cultuur wordt bepaald door haar leiders; een ‘haatimam’ zaait radicalen, een passieve paus gedoogd pedofilie, een sociaaldarwinistische spreker verdrijft Bijbels en Qurans uit scholen en de directe omgeving bekrachtigd deze in de vorm van sociale druk. Want hoeveel moslims en Joden stenigen mensen bij overspel in Nederland? Hoeveel hervormden geven hun tienden nog aan de kerk? De leiders van een religie bepalen de cultuur ervan in de maatschappij!

Dieper in cultuur: De macht van media


“Mensen lijken op apen, omdat ze zich zo vaak gedragen.”
                                                                                    - Sam Rain
De media is vaak het ‘bokje’ van alles; tienermoordenaars verwijten MTV en XBox-spelletjes, politici de kranten en nieuwszenders, BN’ers de paparazzi en modebladen. Massaal een bericht ontvangen is aan de orde van de dag en wij twijfelen zelden aan de berichtgeving wanneer wij de ‘autoriteit’ erkennen als leider. De media bepaalt de cultuur van mensen die eraan blootgesteld worden – mits deze haar autoriteit erkennen.
Media wordt bedreven door collectieve partijen; waar mensen een gezamenlijk doeleind hebben ontstaat een belangengroep die baat heeft aan de verstrekte informatie. Informatie wordt wellicht gezien als een passief ‘iets’, maar de werkelijkheid is dat alles in onze belevingswereld bestaat uit informatie. Zonder informatie nemen we niet waar en kunnen we niets beslissen; echter discrimineren we informatie naar ons eigen belang. Waarom koopt men een krant? Waarom koopt men een pornografisch blad? Waarom kijkt men soaps? Waarom kijkt men nieuws? Wij doen dat allemaal in ons eigen belang.
Wij leven echter zelden in isolement; onze belangen zijn zelden uniek en daarom leven we in gemeenschap. Media verschaft ons informatie zonder dat we een veelvoud bronnen moet raadplegen, met als voorwaarde dat we de gekozen media kiezen als autoriteit op het gebied van ons belang. Omdat we belangen delen, vormen dezelfde belangen de grondslag voor onze cultuur. Als een populair blad ‘uit onderzoek’ de zomertrend bepaald heeft, zullen de belanghebbers van uiterlijke status zich daaraan conformeren. Iedere vorm van media heeft invloed; zolang zij maar gezien wordt als autoriteit – van wereldwijd nieuwsuitzender tot knullig gekopieerd studentenblaadje. Wij absorberen waar wij belang bij hebben.
De media wordt vaak dan ook als negatief afgestempeld door andere cultuuraanhangers; de belangen van de zogenaamde gevestigde orde ‘botst’ met die van hen. Beide zijn de bewegers van een massacultuur; hoe meer culturen gelijk zijn, hoe minder die een bedreiging zijn.
De Holocaust en zelfs de hoogtijden van Adolf Hitler was niet mogelijk geweest zonder de propaganda machine. George Bush junior had geen president kunnen zijn zonder Fox News. Zouden we Al-Quaida kennen zonder CNN of Al-Jazeera? Media bepaalt de cultuur; zonder de afschuwelijke beelden van de Twin Towers zou er wereldwijd geen culturele ‘haat’ zijn tegen de Arabische landen. Men heeft cultuur ‘bijgeleerd’ geen sympathie te hebben voor ‘de vijand’.
Zo hebben weinig Nederlanders ooit een probleem gehad met Pakistan. De media echter heeft (niet onterecht) de natie bestempeld als bolwerk van corruptie en terrorisme. De westerse cultuur heeft dit geassimileerd in haar collectief denken; het resultaat was duidelijk merkbaar in de aandacht voor hulp tijdens de grote rampen die delen van het volk trof, die niet behoort tot het bolwerk van extremisten. Al handelt men niet naar de collectieve denkbeelden, men is bij blootstelling al beïnvloed door de informatie.
De macht van de media zet haar stempel op de cultuur van groot tot klein aspect. Ons schoonheidsbeeld, onze klederdracht, onze muzieksmaak, onze voorkeuren, maar ook onze allianties en vijanden. Zolang de media van onze keuze niet ‘botst’ met onze eigen belangen oefent zij grote invloed uit op onze cultuur. Vaak is dit positief voor ons als mensheid; net zo vaak is het negatief voor ons als individu.
©SamRain
Macht van media

zaterdag 3 maart 2012

Dieper in cultuur: De invloed op ons gedrag


“Ons sociaal netwerk bepaalt ons gedrag.”
                                                            - Sam Rain
Verkeerde ‘vrienden’ is de grootste factor voor delinquent gedrag. Hoewel het Westerse denken een zonnestelsel presenteert om het individu, is de sociale kring om ieder mens de grootste invloed op de opvattingen die men heeft – met hier en daar een uitzondering.
Cultuur is een gekleurd én verkleurd begrip; vanuit een toeristisch oogpunt zijn het typische gebruiken en tradities en gekeken vanuit een politiek standpunt ‘achterlijk’ in vergelijking. Hoewel cultuur zeker bepaalde klederdracht en ‘aparte’ opvattingen bevat, missen we vaak de cultuur zoals ze is; als sociale wezens omvat cultuur de ongeschreven regels van onze omgang met anderen in onze groep.
Social media bevestigd dat de meeste mensen een groep van ongeveer 80 tot 100 hanteren als hun persoonlijke kring. Hoewel deze kring weer verdeeld is tot boezemvrienden, bloedverwanten en collega’s, kan men verwachten dat deze groep soortgelijke opvattingen deelt. Niet voor niets komen veel criminelen uit een crimineel milieu en komen ‘nieuwe’ Christenen uit een christelijke gemeenschap. De mensen uit ons netwerk zetten de norm voor acceptabel gedrag en de sancties; zo zullen de ‘afvalligen’ verbannen worden door de groep (of zelfs vervolgd).
Religie is een soort ‘instituut’ voor cultuur; de hoofdopvatting én algemene verdeler bepaald aan de hand van een wereldbeeld wie tot de cultuur behoord (en wie niet). Tradities en gebruiken zijn vastgelegd als receptuur, zoals beloning- en strafmaatregelen, omgangsvormen en uitoefening van leiderschap. Wie afstand doet van de cultuur in een dergelijke groep mag rekenen op afschuw door de anderen in de cultuur; homoseksualiteit in monotheïstische wereldgodsdiensten, maar ook rassenmenging in fascistische sekten zijn typische ‘dealbreakers’.
Maar cultuur zijn ook vrienden en familie; dat vader niet gestoord mag worden tijdens de UEFA of dat moeder het kerstontbijt organiseert. De opvatting over politiek, justitie en werkgevers worden vooral door vrienden bepaald; gelijkgestemden versterken de mening van een individu en vooral wanneer deze geen natuurlijke leider is. Vrienden kies je immers bewust; de raad van een goede vriend weegt vaker hoger dan die van je bloedverwanten – ongeacht de kwaliteit van het advies.
Onze persoonlijke cultuur bepaalt ons gedrag. Positieve invloeden maken ons socialer, terwijl negatieve invloeden ons egoïstischer laat denken. Neurologisch zijn mensen, sterker dan andere organismen, in staat tot ‘na-apen’, dankzij de ontwikkelde spiegelneuronen. Onbewust nemen we ‘trekjes’ over, van kretologie tot grafologie. Toch zijn we allen wel in staat om zelf te bepalen wat we dan ondernemen en sommigen zijn de ‘trendsetters’.
Op de middelbare school was de grote pauze ideaal voor het ‘grote’ rondje; onttrekken van toezicht manifesteert dan altijd de ‘leider’ van een groep. De ‘eigen’ regels maken begint dan met ‘rebellie’ – het ontkrachten van de eerdere autoriteit – door kattenkwaad uit te halen. Het begint met ‘belletje-trekken’ door de ‘groep’, geïnitieerd door de leider, waarna competitiedrang wordt gevoed. Wie niet ‘meedoet’ vervalt naar een lagere status (bangerik / mietje), wat langere termijn consequenties meedraagt in het sociale vlak. Omdat het gedrag ‘vervalt’ bij de aanwezigheid van een nieuwe leider (de school of de ouders), kunnen we concluderen dat de meeste mensen zich altijd gedragen aan de hand van de groep waar ze op dat moment in bevinden.
Willen we mensen veranderen, dan moet je de leiders veranderen of vervangen; dit geldt voor basisscholen, gevangenissen en zelfs naties.

dinsdag 28 februari 2012

Literatuur, kunst en cultuur


“Onze inspiratie ligt verborgen in abstracte dingetjes.”
                                                                        - Sam Rain
Lezen; we houden er neurologisch gezien niet van. Vandaar dat we onze kroost van jongsaf het proberen in te stampen opdat ze symbolen kunnen herkennen als gearchiveerde taal. Kunst is een neurologisch wonder; hoewel men in de psychologie graag het ziet als een paringsritueel, doet kunst onze referentiekaders collideren als de Titanic op een ijsberg. Cultuur is een collectie van gebruiken en tradities dat onze speciale hiërarchie zou bevorderen volgens menig antropoloog; hoewel spiegelneuronen dit bevestigen, bepaald cultuur ook ons individu.
Ik heb een voorkeur aan ‘intellectuele’ literatuur – Jip en Janneke ging er nooit in, maar een Dan Brown verslind ik. Kunst is voor mij het kleurrijke in de vorm van schilderijen, terwijl dans mij veel minder interesseert. Qua cultuur ben ik er niet uit: ik ben een Aziaat met westerse ambities – een voorkeur voor aardappels, maar wel een kerrie bij het vlees. Mijn voorkeuren maken deels mijn identiteit.
Als ik het zo reflecteer heeft opvoeding hierbij geen invloed gehad. Want grote literaire werken kwamen pas na mijn 20e als interessant over, waarbij kunst zelfs pas na mijn 25e een plaats kreeg.
Cultureel ken ik alle tradities en gebruiken, en ben zelfs zeer traditioneel opgevoed; ik ben het echter niet van plan om allemaal door te geven. Heeft het zin je kinderen dusdanig te inspireren in deze deelgebieden? Ik geloof wel dat er deels een invloed is, echter veel kleiner dan het blad Psychologie mij wilt doen geloven.
Waar je mee omgaat, wordt je mee besmet – luidt een Nederlands gezegde. Zou ik, na een jaar of twintig deze voorkeuren kunnen verliezen? En waarom zou dat kunnen? Zijn deze voorkeuren dan biochemisch of is het stiekem ingeprent door mijn ouders?
Waarom houd ik meer van bananen dan van appels? Waarom bestel ik altijd een chocolade milkshake? Waarom vind ik rood mooier dan blauw en waarom moet mijn muziek altijd hard? Waarom ben ik altijd beleefd tegen ‘normale’ mensen en waarom onverschillig tegenover zwakkeren? Wie had er invloed en waarom is het zo permanent?
Het kunnen hormonen zijn; dopamine voor softijsjes, serotine door regen, cortisol in de buurt van honden en endorfine tijdens Family Guy? Want als het lichaam een ‘prima motore’ is, welke software draait het dan? Een mens kan immers leren, accumuleren en assimileren; can the cup be empty to be refilled?
Want iedereen houdt wel van een vorm qua literatuur, kunst of cultuur – is er dan geen proces om deze te verbeteren, zoals je een smaak ontwikkeld voor wijn? Want als de hersenen de capaciteit hebben van een supercomputer, bestuurd door de Geest, betekent dat dan niet dat je maximale controle over het geheel hebt? Want dan zou geen boek te saai zijn, geen muziek te irritant, geen kunstobject te lelijk, geen cultuur te achterlijk.
Het is een gebruik geworden om over tegenstrijdigheden te schrijven opdat het gelezen wordt – literatuur, kunst en cultuur in een enkel zin; maar wat was de ‘trigger’ tot de titel, waar vandaan kwam het citaat? Want zorgden zij niet voor al die neurologische feitjes, één, twee zo opgesomd? Zijn zij indirect de resultaten van mijn ouders?
Want mijn moeder las zelden een boek, noch bezocht mijn vader een museum; geen van hen schreef over het brein noch de geest. En zo blijft voor nu het een mysterie – waar komt de voorkeur vandaan? Is zij genetisch bepaald of spiritueel ontstaan?
©SamRain
Voorkeuren

zondag 22 januari 2012

Een of meerdere? Hindoeisme uitvergroot


“Il n’y a pas de grande oeuvre qui soit dogmatique” – R.Banthes
Cultuur en religie; voor de één een lifestyle, voor de ander klinkklare onzin. Toch kan niemand ontkennen dat ieder bewust mens eraan zal moeten geloven: als je niet gelooft in een Godswezen, geloof je in wat anders. De term ‘gelovig’ zou daarom niet discriminerend mogen zijn. Het Hindoeïsme is lifestyle dat echter verschilt van de ‘mainstream’; religie en cultuur zijn zo verweven, dat men door de bomen het bos niet meer kan zien. Want is er maar één God of velen, zoals het Westen de religie classificeert?
India, het oude Hindustan, kent een rijke volksgeschiedenis; naast vele wonderlijke gebouwen, bedevaartsplaatsen en literatuur, is India het epicentrum van de Aziatische religie. Hindoeïsme, Boeddhisme, en zelfs het Taoïsme kent er zijn oorsprong – het is dan ook niet verwonderlijk dat de cultuur weinig verschilt over het continent met grote etnische verschillen. De grootste invloed komt van de Mahabharat (‘het Grote India’), een grote literatuur collectie van Veda’s (‘leefwijsheid’); van grote mythen over de Apenkoning (Hanuman) tot de beoefening van Yoga.
Wanneer men praat over het Hindoeïsme, denkt men vaak aan de afbeeldingen van achtarmige goden met bovennatuurlijke krachten ten dienste staande voor mensen. Net als de Griekse en Romeinse goden, zijn ze emotioneel betrokken en hebben menselijke trekken, en hebben hun eigen tempels voor verering. Echter is deze opvatting niet juist; het ware, pure Hindoeïsme is geheel niet dogmatisch, noch ritueel ingesteld. Want het ware, pure Hindoeïsme is monotheïstisch – al zal het merendeel van haar volgelingen dit concept niet willen begrijpen.
In Hindoeïsme kent men het woord ‘God’ eigenlijk niet; de Joodse God, JVWV, bekend als El Elohim, is de persoonswezen, een entiteit. Deze God is later ook dezelfde ‘baas’ in het Christendom en Islam, waardoor we monotheïsme zijn gaan begrijpen als een godsdienst met een bewuste entiteit, soms zelfs geassocieerd met het mannelijk geslacht door Hij, Hem en de Heer. In Hindoeïsme is God een ‘kracht’, een vorm van materie dat bewustzijn kent en waar alles in bestaat. Vanuit een theologisch standpunt is dit waardevol dat dit expliciet vermeldt is – wetenschappelijk is het namelijk logischer te benaderen dan een entiteit wonende in de ‘hemel’- en dus aannemelijker.
Deze ‘kracht’ wordt ook expliciet niet gedefinieerd door zijn kenners; de Hindoe godheid staat beschreven in een zeer bijzondere vorm: wanneer er over wordt geschreven staat er dan ook ‘Het is niet dit’ of ‘is niet dat’. Hier ligt dan ook de grondslag; alles in het Hindoeïsme is ‘manifestatie’. Dit is het tweede waardevolle standpunt vanuit theologisch standpunt, namelijk de erkenning tussen ‘stoffelijk’ en ‘niet-stoffelijk’; de wetenschap staat theoretisch achter dit concept van materie. Met manifestatie komen pas de godheden te voorschijn; het bewuste wezen toont zich in gedaante, maar als bovennatuurlijk verschijnsel. Zo zijn Indra, Vishnu en Krishna drie gedaanten, maar erkennen de reïncarnatie te zijn van de Oorsprong in stoffelijke vorm. Het idee is prachtig; want waar de God van het Westen te puur is, kan het Godswezen in Hindoeïsme zich zo vaak als het wilt manifesteren en waar het wilt. Het wezen is volledig neutraal, het dient daar waar het nodig is en nooit als egoïstisch wezen dat niets of niemand naast zich duldt. Het stelt geen eisen, maar een leerplan van keuze, de ‘Dharm’ (‘Denken’) en de ‘Karm’ (‘Handelen’) met twee resultaten: positief en negatief, maar alsnog binnen hetzelfde wezen.
Hindoeïsme heeft dus maar één God. Waar alle andere opinies vandaan komen? Dezelfde wortels als bij andere Godsdiensten wanneer deze zich verspreiden; cultuur en tradities zijn gewoonten die niet gemakkelijk vervangen worden; wat heeft immers een haas met chocolade eieren te maken met een kruisiging?
©SamRain
Hindoeisme