Posts tonen met het label werk. Alle posts tonen
Posts tonen met het label werk. Alle posts tonen

vrijdag 29 maart 2013

Hundred developers can't be wrong


"Hundred developers can be wrong."
                                                              — Sam Rain
Het is hartje zomer. Iedereen is op vakantie, behalve een collega en ik. Een nieuwe versie van het vlaggenschip is uit en er wordt geen storm verwacht. Sterker nog, het is de versie waar vele problemen mee zouden zijn verholpen. Het is rustig, want elders in de wereld geniet men van de zomer. Behalve een collega en ik. We zitten wacht te houden alsof we aan de Korea-lijn zitten. Het vlaggenschip wordt vaak in een simulatie omgeving getest, dus productie problemen hoeven we niet te verwachten.
De telefoon gaat. Een vriendelijke verwelkoming die onmiddellijk teniet wordt gedaan door de nerveuze man aan de andere kant. Er zijn problemen met het vlaggenschip. En dat nog eens op productieniveau. Ik vraag vriendelijk naar de standaard vragenlijst, terwijl de nervositeit toeneemt aan de andere kant. De klant zou vandaag gaan werken met de nieuwe versie, maar het blijkt dat in de testomgeving het gebeuren vlekkeloos gaat, maar in productie alle transacties op hun gat liggen. De nerveuze man maakt duidelijk dat de database steeds voller raakt. En ik besef me dat het probleem groter is dan een installatieprobleem.
Wanneer een systeem zonder beschikbare ruimte komt te staan, volgt een crash. Oftewel, een uitval van diensten. Nu is een computer crash de gewoonste zaak van de wereld, behalve in de industrie waar men miljoenen kritische transacties per dag verwerkt. Zoals bij een bank. En in dit geval een Duitse bank. Tijd is dus een gevaarlijke factor. Uitzetten betekent een verlies van dienstverlening en verlies van dienstverlening staat gelijk aan winstderving. Ik maak een snelle berekening — ik heb ongeveer acht uurtjes om de zaak op te lossen.
Het is tekort dag om er naar toe te gaan. Het Amerikaanse ontwikkelteam is zeker nog vier  uur onbereikbaar, die het vlaggenschip binnenste buiten kennen. Ik druk op de paniek knop, een mail van hoge prioriteit naar het senior management team. Mensen moeten uit bed worden gebeld. Ik ben namelijk nog te onervaren.
Toch doe ik een poging om de zaak te repliceren. De eerste reacties komen binnen. "Try to re-install."
             "Impossible. Live system.", stuur ik terug.
De telefoon gaat. Het is het hoofd van het ontwikkelingsteam, die als een profeet probeert te vertellen dat het een installatieprobleem moet zijn. Ik ben het er niet mee eens — er zijn geen artefacten in de logboekbestanden. Het onderliggend systeem werkt, totdat het vlaggenschip wordt gestart. Een andere applicatie start als gebruikelijk. Het hoofd blijft erbij; het is onmogelijk dat het aan het product ligt. "You are a smart guy, I can tell. But you lack experience with our products. Besides, hundred developers can't be wrong. Don 't worry, I have asked our Maverick to take this issue on right away."
Ik heb de nerveuze man aan de lijn. Ik voel dat zijn baas hem op de hielen zit. Hij doet zijn uiterste best en ondanks dat ik al heb aangegeven dat de beste uit het ontwikkelteam de zaak op zich neemt, kan ik het niet weerstaan om verder te zoeken. Na diverse inbreuken op het interne beleid, ongeautoriseerde broncode aan te passen en de nodige plakband en nietjes op het gebied van software, ontdek ik het probleem. Ik licht mijn manager in, die meteen akkoord geeft om het te proberen.
Het werkt. Klant blij. Manager blij. Collega blij. Behalve in Amerika. Want daar moest een hoofd toegeven dat "hundred developers can be wrong" een statement is die waar kan zijn.
©SamRain
Developers

donderdag 28 maart 2013

Customers, Leadership, Excellence


"Vervelen is contraproductief."
                                                 — Sam Rain
Vrijdagochtend. Nadat half Frankrijk (bijna elk kantoor van een groot telecombedrijf) de hulplijn heeft plat gebeld, lichten de blauwe cijfers op in het speciale mapje. Een urgente, dringende mail met prioriteit kernaanval zou het moeten zijn. En dat tijdens de franse plaag van dreigtelefoontjes en falende systemen. Een collega nabij begint te vloeken — alert zoals hij is, heeft hij meteen een glimp opgevangen van het onderwerp: mandatory conference call, today 16:00.
Mandatory. Een Amerikaanse uitdrukking voor verplicht, geen excuus mogelijk, kans om je bonus kwijt te raken. Gelukkig liever een conference call, dan een meeting. Vergaderen, vooral binnen een multinational staat gelijk aan het bijwonen van een slecht stuk theater, waarbij het monoloog je niet kan boeien omdat er nog een hectare hooibergen aan werk gedaan moet worden. Gezien de tijd, zal het wel een oproep zijn van de CEO. Vier uur, wat men ziet in Nederland als het Cup-A-Soup momentje dat is aan de westkust de espresso voor de hel begint. En op vrijdagmiddag, wat voor de meeste een vrijmibo is — en in ons geval de 'quick beer' — staat niet bepaald garant voor enthousiasme.
Niemand overdenkt waarom de conference call plaats zal vinden. Niemand leest de mail. Het enige wat men weet is dat de call vooral mandatory is. Oftewel, inbellen, luidspreker op mute en Solitaire openen. We zijn het gewend. De Amerikanen zijn er dol op. Dat de Amerikaanse werkethos anders is dan de Europese hebben we op de harde manier geleerd tijdens de trainingen in Virginia en Silicon Valley. Psychische druk, vermomd onder een open cultuur.
Hier is het anders. Eigenlijk ook niet typisch Nederlands. Naast de laptop, heeft ieder een computertoren, een multifunctionele telefoon, een lang bureau, een gasgeveerde stoel, de mobiele telefoon, een ergonomisch toetsenbord, het snelste internet en vrije toegang tot systemen die de wereld in gang houden. Het lijkt niet bijzonder, totdat ik het jaartal noem — het jaar 2000. De tijd dat men thuis nog met een modem moest inbellen en dat de gemiddelde internet pagina in het algemeen er lelijk uitzag, zonder plaatjes (ter bevordering van de snelheid) of oplichtende knopjes. Iedereen in dit kantoor is geselecteerd op bijzondere vaardigheden en besteed gemiddeld 70 uur per week achter zijn bureau.
In het kantoor staan rare frutsels. Bij de 'Hacker' ligt een Katana in schede achter de stoel, en een fles single malt dient als boekensteun voor de grote collectie aan handleidingen. Een voodoopoppetje en Indonesische marionetten staan op het bureau van de `Great Communicator', naast een miniatuur van de Rosetta steen. De man die lijkt op een blanke rapper heeft een klinisch opgeruimd bureau, waarbij iedere map en elk papiertje voorzien is van kleur stickers. Een paar satirische boeken staan onbewogen in de hoek.
Om vier uur belt een van hen in. De ander start alvast een spel, waarmee de anderen in de populaire Shoot-em-up kunnen participeren. De CEO bezint met een verwelkoming, terwijl we vloekend en juichend elkaar voorzien van virtuele kogels. "The most important thing is guys, that you know what we stand for. Customers, leadership, excellence!", kraakt de luidspreker. Niemand luistert, want hier zitten we in onze eigen wereld.
©SamRain
CLE

donderdag 27 december 2012

Hele Irritante Leidinggevenden


"Er zijn altijd mensen die misbruik maken van hun positie."
                                                                                      — Sam Rain
Ik ben altijd een soort rebel geweest. Noem het zelfverzekerd zijn, maar ik weet gewoonweg 'nee' te verkopen op de werkvloer. Waar ik relatief gehandicapt ben in de sociale omgang, ben ik een natuurlijke leider op het gebied van taken en taakverdeling. Alleen zie ik het onrecht wat vriendelijkere mensen wordt aangedaan
Ik heb namelijk collega's gehad die het maximale probeerden uit te persen van hun teamleden. Manipuleren heet dat wat minder mooi — veelal gepaard met ophemelende praatjes en `buzz' woorden als ‘commitment’ of 'flexibiliteit'. Goed werk moet je belonen is mijn mening en ik ben altijd een voorstander geweest van kwaliteit boven kwantiteit. Maar dat geldt niet voor iedere manager. Vooral niet de types die eigenlijk niet geschikt zijn voor het vak.
Je kunt ze makkelijk herkennen. Ze komen altijd 'overspannen' over, maken drama over dingen die er eigenlijk niet toe doen. Alles draait om hun planning en desnoods over lijken, hoewel ze dat laatste nooit over hun tong zullen laten glijden. Ze hebben voornamelijk kritiek op anderen en hun eigen fouten verbloemen ze door de schuld te schuiven op de persoon die op dat moment niet aanwezig is. Wanneer iedereen nerveus een vergadering in gaat zonder bedrijfskritieke problemen aan de horizon, dan heb je te maken met een Manipulatieve Manager. Oftewel een Vervelende Zak of Irritant Kutwijf.
Ze proberen je altijd te strikken voor werk dat jouw werk niet is. Ze proberen je te laten werken, wanneer je vertelt dat je niet komt werken. Ze verwachten dat je tot zes uur blijft terwijl je om vijf uur weg hoort te gaan. Ze willen alles weten, maar alleen wat ze moeten weten. Ze hebben nooit tijd en plannen alles dubbel in. Organiseren is iets wat ze duidelijk niet kunnen en hun rapportages zijn eigenlijk geprinte kletskoek. Het liefst gooien ze met termen om wat interessanter te lijken en ze lijken van iedere situatie een calamiteit te maken alsof de Maya kalender echt blijkt te kloppen.
Het zijn tevens deze managers die stemmen voor 'reorganiseren' (lees: ontslagen door geen contracten te verlengen), 'downgraden' (lees: gedwongen ontslagen) of 'versobering' (lees: schrappen van secundaire arbeidsvoorwaarden), terwijl ze zelf de uitstekende kandidaten zijn om eens een bezoekje te brengen aan de sociale werkplek van de UWV. Ze doen alles — en dan ook echt alles - om hun eigen hachje te redden, bij voorkeur over de rug van een ander.
Hoe komen ze aan deze positie? Omdat ze reet likken. Zoveel mogelijk en zo accuraat mogelijk. Met twee handen grijpen ze reet vast en gaan met hun tong langs de anus om de poepresten even lekker in te slikken. Waarom ze dat doen? Omdat ze simpelweg erkenning willen hebben. Omdat het pijnlijke mensen zijn. Eigenlijk wilt niemand ze hebben, maar ze likken reet en dat is handig voor de hoge omes. Die houden wel van een natte tong in hun achterste.
Er zou een landelijke lijst moeten komen waarbij dit soort figuren genomineerd mogen worden. Met als prijs een doos met een versgedraaide drol. Stemmen uiteraard anoniem. Uitslagen printen en verspreiden via kettingbrieven en laten rondslingeren tussen memo's en rapportages. Maakt de werkvloer tenminste weer leefbaar.
©SamRain
Leidinggevenden

zaterdag 1 september 2012

Droombaan of criteriabaan?


“All work and no play makes Jack a dull boy.”
                                                            (the Shining)
Een “droombaan” heb ik eigenlijk niet meer; hooguit één met ideale omstandigheden – en dus weinig realistisch. Mijn carrière heeft vele absolute hoogtepunten gekend en mijn ambities liggen nu meer op andere gebieden. Het gras lijkt altijd veel groener in een brochure.
Vroeger, tien jaar geleden, lag dat wel anders. Bewijzingsdrang en geld gingen goed samen met het ‘eeuwige vrijgezel’ levensmotto dat ik had. Wat echter een droombaan was, is net als iedere ‘droom’ – op een gegeven moment ontwaak je. Je bereikt een dampkring voordat je verder kunt stijgen, en je visie veranderd door de ervaringen. En eenmaal ver in de ruimte op avontuur naar nieuwe beschavingen of intergalactische conflicten, bekruipt het gevoel je: het verlangen terug naar de simpele dingen.
Sinds een paar jaar geloof ik dat je werkt om te leven en niet vice versa – wat niet wil zeggen dat een baan ‘maar een baan’ is. Waar je veel wilt, zal veel van je geëist worden. Ergens moet een compromis gesloten worden. Wil je leidinggeven op topniveau? Verwacht dan niet de mogelijkheid om 17.45 thuis aan tafel te gaan. Wil je ondernemen? Ontdek dan eens de ‘vloek’ van het ‘hebben’ van personeel. Trainingen volgen in verre landen of ‘business class’ even op en neer naar seminars? Nee, het klinkt al minder mooi om aan je vriendin te vertellen dat er maar één stoel gedeclareerd kan worden. Vergis je niet – hoge bomen vangen veel wind en het is eenzaam aan de top. Ja, geld staat er tegenover en aanzien zal je niet ontbreken. Maar als je het wilt, dan is het er.
Spijt zal ik er nooit van hebben – de ervaringen zijn onbetaalbaar. Wel heb ik nog grote moeite met gas terugnemen; een duizendpoot met een supercomputer in de bovenkamer vind Mach 1 al woonerfprettig. Ik heb dus eerder een ‘criteria’ baan, dan een droombaan. Geen ‘the sky is the limit’, maar een paar ‘beweegregels’.
Zo geloof ik in hiërarchie – scheidingslijnen tussen management en uitvoerders. Zonder enige vorm van leiding werk je in een ‘scoop-to-be’. Daarin tegen ben ik weer tegen een Gestapobeleid, want een schip met een gestoorde kapitein is niet een reis die ik aandurf.
Multidisciplinair vind ik belangrijk – twee rollen om mezelf scherp te houden; beetje managen, beetje uitvoeren. Meer dan twee wordt een compromisbaan, want zes uur ‘focus’ tijd is daarvoor te kort. Teveel afwisseling vraagt niet alleen veel van je grijze massa, maar is als een Scud-raket op je privéleven.
Flexibiliteit in de vorm van kwaliteit – ik vul liever taken in dan werkuren. Gelukkig kan ik met creatief ‘project managen’ dit altijd vertalen naar een 38/40 urige werkweek en de vroege uurtjes verschuiven.
Geld is vaak geen ‘issue’ – werken op niveau levert altijd een bovenmodaal salaris op (en vaak meer). Maar dat neemt niet weg dat ik geen ‘ondergrens’ stel.
Uiteindelijk heb ik het wel goed voor elkaar – omdat ik, wanneer ik dat écht wil, van alles mijn ‘droombaan’ kan maken.
©SamRain
Droombaan?

zondag 12 februari 2012

Carriere maken: Excellentie in jezelf naar buiten brengen


“The fastest way to succeed is to double your failure rate.”
                                                                                    - Thomas Watson
‘Doe maar gewoon, dan doe je al gek genoeg’, is een bekend Nederlands spreekwoord. Maar als je wilt ‘winnen’ in een competitie, moét je excelleren. Excelleren betekent namelijk ergens verdraaid goed in zijn. En competitie zul je moeten aangaan als je carrière wilt maken. Jezelf opnieuw uitvinden, keer op keer.
Excellentie is meer dan je sterke punten belichten; het is jezelf distantiëren van de rest, als een komeet voorbij razende. Hoewel je vaak ‘gladde jongens’ carrière ziet maken, is dit niet gereserveerd voor karakter alleen. Natuurlijk moet je goed in gezelschap liggen; een carrière wordt je gegund, niet verdient. Maar om de gunst te krijgen moet je wel in beeld zijn en maakt de persoon die de promotie bepaalt een beslissing naar aanleiding van een totaalplaatje.
Allereerst moet je van jezelf weten waar je goed in bent en in dat gebied resultaten behalen die boven de norm liggen. Hoe logisch het klinkt, betekent niet dat het gemakkelijk is in de praktijk. De truuk is om het gemakkelijk te laten lijken om de resultaten te behalen en juist niet ‘obvious’ je best te doen op het moment dat je carriere-gatekeeper voorbij wandelt. Consequent zijn is waar het om draait én het Olympisch goud moet het doel zijn; zonder een uitzonderlijk resultaat, ben je niet uitzonderlijk!
Lobbyen is een tweede kenmerk voor snelle Jelle’s; je blootstelling aan hen die je carrière kunnen bevorderen moet optimaal zijn – al kom je nooit aan het woord. Mensen vergeten zelden gezichten als ze deze vier a vijf keer gesproken hebben en bijna nooit als iemand hen ‘looft’ en publique – vandaar dat je een uitzonderlijk resultaat nodig hebt.
Carrière maken betekent opportunisme. Opportunisten zijn sterke persoonlijkheden over het algemeen, omdat ze uit eigen belang handelen. Gelukkig kun je ‘persoonlijkheid’ ontwikkelen; door je bewust te zijn van jezelf, hoe je overkomt op anderen en hoe anderen je zien.
Bewust zijn van jezelf
Vind jij dat je aangenaam gezelschap bent? Waarom wel of waarom niet? Kunnen mensen, naar jou idee, gemakkelijk met je praten? Ken je de sterke én zwakke punten van jezelf? Durf je ‘nee’ te zeggen? Kun je goed tegen kritiek? Jouw beeld van jezelf is belangrijk voor je zelfverzekerdheid. Hoe zekerder je bent over jezelf, hoe beter je in staat bent jezelf te ‘verkopen’.
Bewust zijn van je communicatie
Begrijpen mensen wat je bedoelt, wanneer je kritiek hebt? Hebben mensen sympathie of respect voor je, naar jouw idee? Krijg je dingen ‘gedaan’ door mensen? Waarom wel of waarom niet? Als mensen jou een cijfer zouden geven, wat zou je verwachten qua gemiddelde? Als je zegt een 10, dan is dit artikel overbodig of wordt het tijd voor een ‘reality-check’. Als je lager denkt te scoren dan een 7, dan zitten hier cruciale werkpunten voor je toekomst verborgen!
Bewust zijn van je reputatie
Hoe beschrijven anderen jou? Excelleren betekent dat je reputatie vanzelf spreekt en je als het ware een één-tweetje doet wanneer een kans zich aandient. Als je carrière wilt maken richting management, dan wil je dat je bekend staat voor je organiserend vermogen en een ‘leider’; wil je een senior positie, moeten je vaardigheden generatief zijn – behulpzaam en sociaal, als die van een begeleider.
Je excellentie zit al in je; het enige wat je hoeft te doen is het verder ontwikkelen!
©SamRain
Carriere maken

vrijdag 11 november 2011

Kennis opdoen: het advies inwinnen van een Competence Center


Voor kleine ‘gazelle’ ondernemingen is vaak een enkele consultant voldoende. Dit in tegenstelling voor grotere bedrijven die veelvoudige afdelingen kent en dus veel meer organisatie moet toepassen om de koers te bepalen die de strategie voor het hele bedrijf ondersteund.  Vaak moeten afdelingen een individuele verandering ondergaan om de strategie van de ‘top’ te kunnen laten slagen. Maar ook specifieke projecten vereisen soms een andere inslag, vanwege de kenmerkende aard van een afdeling. Een team van consultants is dan een onhaalbaar plan voor iedere afdeling, vanwege de kosten, beschikbare tijd en ‘know-how’. Om menselijk kapitaal efficiënt te benutten, gebruiken grote bedrijven een team van mensen die flexibel kunnen bewegen binnen de onderneming en tussen afdelingen: het Competence Center.
Een Competence Center bestaat meestal uit 4 a 5 personen: een consultant, één of meer analisten, een afdelingshoofd of medewerker met vakkennis en een projectbeheerder. Het is de taak van de consultant om de ‘hogere strategie’ te bewaken door de primaire doelen vast te stellen voor het project. Analisten voeren hierbij de inventarisatie taken uit en stellen de analyse op ter ondersteuning van de primaire doelen en staan nauw in contact met de persoon die het ‘reilen en zeilen’ van het vakgebied kent. De beheerder van het project bewaakt de informatie van alle partijen en speelt een grote rol in de brug naar daadwerkelijke uitvoering. Ook is de projectbeheerder het aanspreekpunt voor managers en directie als het gaat om vooruitgang, problematiek en aangepaste eisen.
Door deze formatie is de consultant beweeglijk door de afdelingen heen, en kan hij of zij zelfs parallel aan meerdere projecten deelnemen; immer het ‘grove’ werk wordt uit handen genomen door de analisten die serieel werken en vastgestelde taken uitvoeren. De ‘blanco’ teamspeler is in feite een vraagbaak voor de analisten en wordt jargon technisch dan ook ‘Subject Matter Expert’ genoemd. Hij of zij vervult dan het gat voor kennis in de diepte vanwege de praktijkervaring. Ook vormt deze rol een weg naar de mensen die uiteindelijk de strategie zullen uitvoeren (het vertrouwensbelang van personeel wordt vaak onderschat door de succesvolle uitvoering van een strategie). Om deze flexibele formatie vastigheid te geven is de projectbeheerder essentieel; informatie gaat namelijk minder snel stroomopwaarts dan naar beneden als een waterval. Managers en directie zijn afhankelijk van ad hoc informatie als het aankomt op beslissingen, waardoor een enkel aanspreekpunt dat overzicht heeft van een project de voorkeur heeft. Bij de uitvoering van een strategie zal de projectbeheerder ook prominent aanwezig zijn bij de overdracht; en kennis hebben wie wat weet of kennis heeft in geval van onvoorziene omstandigheden.
Een Competence Center is ook ideaal voor bedrijven die eerst alle potentiële pijnpunten in kaart willen brengen voordat ze grote stappen gaan ondernemen zoals het samenvoegen van afdelingen, automatiseren of uitbesteden van kerntaken of ‘downsizen’. Vooral bij kostenbesparing zijn Competence Centers een waardevol goed; deze teams kunnen de kosten toe rekenen aan alle activiteiten en de zogenaamde ‘Burn Rate’ bepalen per afdeling. Al deze analyses leiden tot transparantie, waardoor beslissingen nemen vergemakkelijkt wordt omdat er actuele feiten beschikbaar zijn.
Net als een individuele consultant, zijn Competence Centers vaak extern; met name door hun ervaring in branches genereren zij een veelvoud van expertise en kennis. Echter, wanneer een bedrijf een Competence Center kan bekostigen, doet men er goed aan om parallel te investeren in eigen analisten of projectbeheerder. Een adder onder het gras is dan wel de beperkingen binnen de eigen onderneming wat wel eens kan leiden tot teleurstellingen of andere hoge verwachtingen. Kwalitatieve Competence Centers hebben minimaal voor vier grote bedrijven gewerkt en kunnen dus hun bekwaamheid staven met feiten en resultaten. Zulke resultaten zijn belangrijk om te weten voordat men tot investering overgaat in een Competence Center.

Meer lezen over het onderwerp Consultancy? Klik hier voor de inhoudsopgave van alle artikelen!

zondag 23 oktober 2011

De zeven zonden bij het managen van mensen


Voorkom potentiële valkuilen op de werkvloer

Introductie

Leidinggeven is een vaardigheid die iedereen kan aanleren; er zijn een scala aan methodes en technieken beschikbaar. Deze blijven echter beperkt tot ideale situaties en specifieke aandachtspunten. Praktische voorbeelden zijn Agile en Scrum varianten die project management centraal stellen, Performance Management dat zich richt op inzet, doelstellingen en groei; planning en het ‘nieuwe werken’ welke zijn pijlen richt op thuiswerkers en internationale bezetting.
Het is de taak van de manager om het team optimaal te laten functioneren, de ‘resources’ oftewel bronnen te bewaken, en zijn of haar deel van het schip op schema te houden. Toch word een bekend Engels spreekwoord vergeten door een verrassend groot deel van de nieuwe managers: “There is no I in team”.
Om te voorkomen dat men door schade en schande wijs moet worden, richt dit artikel op zeven valkuilen waar een manager in kan vallen tijdens het opdoen van leidinggevende ervaring. Deze zeven ‘zonden’ zijn gelukkig ongedaan te maken, door behulp van welbekende strategieën. Het voordeel van dit artikel is de besparing van grote dikke boeken lezen voordat er verandering kan plaatsvinden.
De grote hooivork
Groter betekend niet altijd beter
Een goede balans binnen iedere organisatie staat garant voor goede resultaten; iedereen weet het maar de praktijk verschilt met de theorie. Grenzen stellen is belangrijk (wat niet hoeft te betekenen dat je ze tot bloedens toe moet verdedigen), vooral wanneer het gaat om verandering op de lange termijn.
Een van deze grenzen is de grootte van het team te beperken tot een redelijke hoeveelheid van deelnemers; de ideale maatstaf is tot een maximum van 10 per team, waarvan er niet meer dan 4 teams onder deze manager vallen. Hoe groter het aantal deelnemers is per team, hoe minder tijd er beschikbaar is en de kwaliteit niet ten goede komt; de zichtbaarheid word verloren en de afstand tussen deelnemer en leidinggevende word alleen maar groter tot het niveau dat signalen niet meer worden opgevangen. Bijna 43% van de ‘job hoppers’ geeft als secundaire motivatie voor het verlaten van de werkgever de ‘afstand’  als reden; afstand creëert een ongecontroleerde uitstroom, welke in het ergste geval terecht komen bij de concurrentie. Daarnaast is een ‘overijverige’ manager gewaardeerd in de hoge kringen, echter is zijn leiderschap vaak wankel; de tijdsdruk maakt hem of haar onzichtbaar.

De examinator

Iedereen bewust of onbewust, wilt slagen voor een examen dat invloed heeft op hun toekomst
Er zijn managers die de werkvloer zien als één groot studieobject en bij voorkeur elke witte muis onder de loep nemen; alles in de naam van de managers’ wetenschap “meten is weten”. Radicaliteit in Performance Management levert radicale resultaten in plaats van realistische. Wanneer een manager zijn teamgenoten gaat zien als ‘patiënten’ worden zijn technieken waardeloos. Er is altijd een oneven machtsverhouding tussen manager en teamgenoot, en deze kan negatief uitpakken voor de manager.
Mensen zijn van nature dienstbaar; het ego is immers fragiel en is geen vriend van afwijzing. Wanneer men een ‘examen’ moet afleggen, zal men van nature pogen deze zo goed mogelijk te behalen- en altijd ten opzichte van de examinator. Dit levert vaak tegenstrijdige informatie op bij voorbaat en maakt de resultaten tot praktisch nutteloos. Vooral de ‘onzichtbare’ manager zal hierdoor signalen mislopen, waardoor functioneren en inzet slecht bewaakt worden. Performance Management, evaluatiegesprekken en functioneringsgesprekken zijn echter uiterst effectief om de kwaliteit te bepalen; echter door in persoon alleen formulieren in te vullen (of erger: per email) ‘omdat het nu eenmaal moet’, richt men eigenhandig het dialoog ten gronde. Veel praktischer is het ‘management by walking’, waarbij de manager individueel teamgenoten aanspreekt a la Scrum. De individuele aanpak is geen vervanger van teamgesprekken waar de taken centraal staan, maar is een ‘mini-evaluatie’ en is informeel. Bijna 80% van onze communicatie is lichaamstaal; het herkennen van signalen is tijdens een sessie van 3 minuten veel effectiever dan een stuk papier. Een bijkomend voordeel is dat de afstand kleiner word en een teamgenoot sneller en vooral proactief zal vertellen wat zijn of haar functioneren of inzet belemmerd. Het invullen van formulieren wordt op deze manier een ‘taak’ in plaats van een examen.

De Saddam Hoessein

Een zweep reguleert het tempo, maar bereikt nooit de maximale potentie
Leiding geven wordt vaak verward met ‘baasje spelen’. Natuurlijk is een leidinggevende een autoriteit, er is echter een groot verschil tussen een gekozen president en een dictator. Sommige managers vergeten wel eens dat ze ten dienst zijn van hun team; het is de kernreden waarom ze verantwoordelijk zijn.
Een beetje stress is niet meer dan normaal; in economische zware tijden word er meer dan normaal geëist van alle werknemers; de ‘targets’ ofwel de maatstaven liggen hoger. Als verantwoordelijke voelt men de druk van boven alsook beneden. Teamgenoten klagen over de drukte, de directie baar zich zorgen over de resultaten en de middelen zijn beperkt vanwege het budget. Geen wonder dat managers in deze tijden da onder zeer hoge druk staan, van hen wordt het maximale verwacht in korte tijd met minimale middelen. Vaak resulteert dit in een ‘no more mister nice guy’ instelling waarbij de manager probeert de deadlines zo strak mogelijk te maken. Daarnaast vervallen sommigen naar de toon van ‘gebiedende wijs’ als een opperbevelhebber van een leger in oorlogstijd. Dit kan effectief zijn op dat moment; echter tijden van drukte komen altijd terug.
Op lange termijn zijn werknemers geneigd om zich ‘voor te bereiden’ op de storm, waardoor een negatieve instelling ontstaat nog voor de echte ‘drukte golf’. Het ziekteverzuim zal zich in tijden van ‘rust’ pas laten zien; overspanning, burnout tot zelfs afkeuring via de bedrijfsarts.
Een goede leider is namelijk niet de man met de zweep maar de onbevreesde aan het roer. Herinner de eerste boodschap van de overheid in geval van een crisis: ‘blijf vooral kalm’. Het openen van een dialoog is altijd beter dan het geven van een bevel; in plaats van ‘dit moet morgen af zijn’ werkt het volgende vele malen beter: ‘wat is er nodig om dit morgen af te hebben?’ De verantwoordelijke voor de taak kent namelijk alle factoren die meetellen om het resultaat te behalen, waardoor er ruimte is voor mogelijke compromissen en/of beslissingen.

De Therapeut

De menselijke geest is ondoorgrondelijk. Raak er niet verdwaald in
Het leven van een manager gaat niet over rozen; mensen vereisen aandacht en energie en de ene persoon is niet als de ander. Daarnaast willen mensen uit nature klagen, het kan immers altijd beter, minder of anders. Sommige managers krijgen soms het ‘kleuterklasjuf’ syndroom: het gevoel alsof volwassen gedrag een ver-van-mijn-bed-show is geworden en het grote familiegevoel gepaard gaat met eindeloos gezwets, terwijl het werk zich opstapelt. Een ‘open deur’ methode maakt de afstand weliswaar heel klein, echter het geeft ook de ruimte voor afleiding. Vooral bij geschillen, ontevredenheid en ‘rust’  word je als manager snel gezien als therapeut, of beter gezegd, als boksbal. Een procedure bedenken belemmert de afstand, maar zonder protocol is vragen om stoomwalsen. Weer gaat het om balans; collega’s willen gehoord worden, en direct informatie is een belangrijke bron, maar er zijn meer activiteiten die de aandacht vereisen.
Een manager die het goed begreep hield een spreekuur per dagdeel, de deur stond op gezette tijden open en stimuleerde dus een assertief gedrag bij collega’s. Wanneer het verhaal na een minuut nog steeds onduidelijk was riep hij ‘ vertel wat er aan de hand is in minder dan dertig woorden’. Stomverbaasd keek de klagende partij en herstelde zich, waarna de manager het dialoog opende om ‘spijkers met koppen te slaan’. Dezelfde manager was ook een goede scheidsrechter; bij een geschil tussen werknemers sloot hij een compromis waar alle partijen verloren. Zo forceerde hij collega’s om eerst met elkaar in dialoog te gaan voordat ze bij het ‘gerechtshof’ kwamen aanwaaien.

De Meeloper

Actie ondernemen doe je omdat je inzicht hebt verkregen
Managers zijn altijd enthousiast om hun resultaten te verbeteren, het komt henzelf ten goede; goede resultaten betekent goed management. Soms zijn er een aantal managers die graag met een ‘hype’ meelopen, koste wat het kost forceren en gigantische resultaten verwachten vanwege de populariteit van een methode.
Verandering is niet te voorkomen; sterker nog, een onderneming dat geen flexibiliteit kent is gedoemd te falen. Veranderen is meer dan strategie, omdat het de ‘workstyle’ beïnvloedt; mensen hebben de tijd nodig om zich aan te passen en moeten zich ernaar toe ontwikkelen. Experimenteren is geen slechte eigenschap; nieuwe methoden zijn altijd experimenteel wanneer ze voor het eerst worden toegepast en zijn niet voor niets populair.
Net als bij een ‘echt’ experiment moet je als manager niet alleen voet bij stuk houden, maar ook het traject daadwerkelijk uitzingen. Vaak vergeten managers dat mensen er gemiddeld 4 tot 6 weken nodig hebben om aan een situatie te wennen en pas na 6 maanden als gewoonte gaan ervaren. Het breken van gewoontes is altijd een omschakeling en brengt altijd een lichte vorm van stress met zich mee.
Een manager besloot op een dag na een management seminar de Scrummethode toe te passen op zijn team van experts in de software-industrie welke gewend waren aan de Prince 2 methode. Van hen werd verwacht over te stappen naar andere software, meetings van 2 uur werden 15 minuten sessie en ‘pigs’ en ‘chickens’ werden ingedeeld. Het koste het team zeker drie volle dagen om te schakelen tijdens een veeleisend project, losstaand van de kennis die ze moesten opdoen over de Scrum methode. Met zuchten en steunen werkten de teamgenoten mee, waarna de manager zich besefte dat er geen ruimte was voor het wennen aan de nieuwe methode; er was ineens duplicate informatie in twee vormen en de sfeer maakte de manager maar benauwd. Na drie weken was alles als weer vanouds; alleen waren er gaten gekomen in de planning en geïnvesteerd in iets wat geen kans van slagen kreeg.
Moraal van het verhaal: experimenteer in etappes en grote veranderingen aan het begin van een project, niet tijdens. Geef een experiment ook een overlevingskans (bijvoorbeeld een half jaar).

De Onwetende

Kennis is macht
Een nieuwe uitdaging: nieuw bedrijf, nieuwe mensen, nieuwe verwachtingen en heel veel nieuwe informatie. Managers zijn de menselijke sponzen, van hen word verwacht om snel te kunnen absorberen en aan te passen. Een ongelooflijke uitdaging vooral in een nieuwe omgeving. Waar de bestaande collega’s op de hoogte zijn van de procedures, de gezichten en protocollen allerlei, heeft de nieuwe manager nog moeite met vinden van zijn eigen kantoor en probeert vaak zich ‘in te burgeren’ bij het bestaande team welke hij geacht is te leiden.
“Ik zal de komende tijd veel van jullie moeten gaan leren” is dan een vaakgemaakte uitspraak. Er kan soms een situatie ontstaan waardoor er geen sprake is van een overdracht van de vorige manager (geschil, ziekte of zelfs overlijden). Een grote valkuil is het de haren van het hoofd vragen van collega’s; de intentie is immers zo snel mogelijk aan de slag te gaan. Door veel mensen de bekende weg te vragen, krijgen je collega’s een mogelijk gevoel van onkunde. Vertrouwen kost moeite om op te bouwen maar is als een kaartenhuis; een briesje en je kunt opnieuw beginnen.
Leiding geven betekent eenmaal eenzaamheid; hoge verwachtingen en geen gemakkelijk pad om te bewandelen. Daarom is het een ‘must’ voor managers om de organisatievorm te kennen, de functies van zijn collega’s waar hij of zij verantwoordelijk voor is en welke methodes er gangbaar zijn. Mensen zijn uitstekende bronnen van informatie, ze zijn echter ook van nature wantrouwig; en een onzekere indruk is het allerlaatste wat je wilt maken als manager.

De Messias

Grote beloftes betekenen een hoge schuld om in te lossen
De ‘Obama’ methode maakt je op het eerste gezicht zeer geliefd bij collega’s, elke manager valt hier vroeg of laat wel eens in. Veranderingen die het werken prettig maken, de sfeer positief beïnvloedt en vooral de manager wordt benaderd door ‘zijn’ team. De verlossers zal wel eens zijn of haar handen uit de mouwen steken.
Wanneer men geen kennis heeft van wat er speelt in de directiekamer, is het gemakkelijk om een oordeel te vellen over een maatregel. Men bekijkt en veroordeelt het resultaat en weet zelden de oorzaak van een dergelijke maatregel. Eenmaal binnen de directiekamer komen de factoren, de geschiedenis en beweegredenen naar voren en lijkt de maatregel ineens ‘logisch’. Vaak roept men dan snel over onduidelijke communicatie naar de benadeelde partijen; echter moet een manager bewust zijn dat ‘ontevredenheid’ voorkomt uit een emotie. Wanneer een manager zich voorbarig uitlaat over verandering zonder de oorzaak van de maatregel te kennen, loopt de manager de kans om een teleurstelling te worden voor zijn of haar team wat niet bevorderlijk is bij het leiding geven.

Recapitulatie

1.     Houd het aantal deelnemers van je team binnen redelijke grenzen; niet meer dan 10 per team, niet meer dan 4 teams. Voorkom afstand tussen jou en je collega’s.
2.     Probeer te evalueren zonder tentamineren. Management by walking opent dialogen en maakt van ‘examens’ slechts taken. Voorkom het nutteloos maken van methodes zoals Performance Management.
3.     Vermijd een agressieve stijl met collega’s, opper geen bevelen maar open dialogen. Voorkom vervreemding van je team, of erger: uitstroom.
4.     Houd vast aan een goede balans qua afstand, word geen slachtoffer van ‘kleuterklasjuf’ syndroom. Voorkom nutteloze communicatie, zorg dat men to-the-point is wanneer ze wat van je verwachten.
5.     Experimenteer niet klakkeloos zonder echt voordelen in te zien; geef experimenten de tijd, evenals de deelnemers om eraan te wennen. Voorkom tijdsverlies, inspanning en een bittere nasmaak.
6.     Vraag niet naar de bekende weg en bereid je voor op de organisatievorm en de functies van je team. Een blinde kan een blinde niet leiden, en vertrouwen kost eenmaal moeite om te behouden.
7.     Maak geen beloftes die je niet kunt waarmaken, vooral wanneer je niet op de hoogte bent van de oorzaak. Populariteit is fijn, maar hoge bomen vangen veel wind.

Slotwoord

De zeven zonden zijn alledaagse valkuilen; veel managers leren door te ervaren en er is geen ideale handleiding voor ieders situatie. Door te herkennen, erkennen en de oplossing aan te nemen verbeter je de kwaliteit van het leidinggeven. Naast het zelf verantwoordelijk te zijn geweest en een veelvoud van managers te hebben gezien (van grote multinational tot klein bedrijf), heb ik deze valkuilen gezien en sommige zelfs ervaren. Een valkuil maakt je geen slechte manager; het laat ruimte over voor verbetering.
Herken je een manager hierin? Stuur hem of haar eens dit artikel. Managers zijn namelijk dol op het lezen over ‘management’.

Bronnen

Peters&Austin; A Passion for Excellence, RandomHouse New York
DeGrace&Stahl Wicked problems, rigteous solutions PrenticeHall,1990
Sutherland, Agile Development: Lessons learned from the first Scrum, Warner Books, 2004
Eigen ervaring

Meer lezen over het onderwerp Management? Klik hier voor de inhoudsopgave van alle artikelen!
©SamRain
sam-rain-articles.blogspot.com