Posts tonen met het label zus. Alle posts tonen
Posts tonen met het label zus. Alle posts tonen

donderdag 23 augustus 2012

Mijn walgelijke zus


“De duivel komt als een engel des lichts.”
                                                            - De Bijbel
Mijn zus zal het best de rol van slang kunnen spelen in het verhaal van Adam en Eva. Verraderlijk als ze is, zorgt ze met wat handige ‘Jedi-mindtricks’ dat jij en je aanhang pardoes uit het paradijs wordt gekukeld. En wat zal ze erna toch hard over lachen.
Hoewel ze best vaak zo’n grapje uithaalt, ben ik zelden ‘echt’ slachtoffer. Waarschijnlijk ben ik iets meer resistent tegen het gif geworden, maar meer omdat ik een hechtere band heb met mijn zus dan met mijn broer – waardoor ik geen “echt” doelwit ben. Tenzij ze in de problemen zit, dan drukt ze op de verkeerde knoppen en ben ik ge-Jedi-mind-tricked. Nee, een IQ van 165 beschermt je er niet tegen. Echt niet.
Als mijn zus iets zegt is het altijd ‘politiek’ correct. Wie er fel op reageert, heeft haar verkeerd begrepen en wie de geheime boodschap wel begrijpt voelt altijd wel een naaldenprik. Ik ben blij dat hypnotiseren geen echter vaardigheid is, want in handen van mijn zus zou de wereld vergaan. Echt waar.
Niet dat ze amoreel is of esthetisch. Haar egocentrische blik op het leven is als een zwart gat dat tijd en ruimte doet krommen, maar ze fungeert als het lampje van een zeeduivel; ze lokt je en biep! – weg ben je. Stoken in relaties, waarheden verdraaien, mannen oplichten, mishandeld worden (om het slachtoffer te spelen en weer andere mannen kan oplichten) en natuurlijk liefelijk mensen geestelijk naar wanhoop drijven. Ja, het klinkt dramatisch – maar het is waar! Mijn vriendin kan haar ook wel afschieten – en zij is de meest vredelievende persoon die ik ken. Ik denk zelfs dat de Dalai Lama van z’n stuk te brengen is en wanneer ze naar de hel gaat zal de duivel haar vast een vacature aanbieden.
Ondanks haar grote kosmische krachten, zit ze in een piepklein lamphuisje. Ze is wat ik noem een ‘pijnlijk’ persoon. Achter de vijf liter plamuur schuilt een geest in scherven wat bij elkaar wordt gehouden door Xanax en Valium. De Bacardi bindt de rest qua persoonlijkheid aan elkaar om iets van een zelfbeeld te projecteren dat het meest wegheeft van een Fata Morgana – ‘Ik ben beter dan iedereen’. Nee, ze zegt het niet. Maar ze denkt het wek. Ik ken haar door en door – en herken veel dingen.
Dat laatste stoort me dan ook; vaak zeggen mensen – ‘Oh, wat lijken jullie op elkaar zeg’. Dan glimlach ik, terwijl mijn spamfilter overuren draait op de rest van het gesprek. Want ik lijk in verreweg niet op mijn zus. Ik bemoei me liever niet met andermans zaken en stoken ben ik helemaal geen fan van. Maar aan de andere kant is het een feit dat er meer is dat ons bindt dan wat ons scheidt. Al ontwaak ik steeds meer, ze blijft mijn zus – hoe diabolisch dan ook.
Ze was niet altijd zo. Het was m’n zus, die er vaker was dan m’n moeder en het was m’n zus die door haar zwakte kracht in mij aanwakkerde als beschermer. Ze heeft me altijd gesteund wanneer ze kon of zelf verdronk en als het echt op bepaalde gebieden erop aankomt zou ze verder gaan dan wie dan ook. Alleen is ze ziek. Ziek in haar geest. Ziek gemaakt door alle ellende die ze heeft gekend. Ja, ‘behind every success story, there is a sad one’.
©SamRain
Mijn zus

zondag 3 juni 2012

Ik haat ik: De spiegelconfrontatie


“We zijn wie we zien.”
                        - Sam Rain
De spotjes schijnen vanachter op de lange brede spiegel, waar een glimlach zich laat zien. De schoenen, de broek en het shirt zijn fonkelend nieuw. Het haar zit in de kleinste detail gestileerd en met de sigaret lijk ik op de Marlboro Man.
Het is vrijdag. School voorbij en het weekend maakt aanstalten. Over een uurtje naar het veldje, twee straten verderop. Honderd piek in mijn zak, vier briefjes van 25. Twee gekregen van Oom Dronken en Oom Ladderzat, twee verdiend met m’n baantje in de winkel. Drie keer meer dan m’n vrienden, maar ach – een biertje kost toch een gulden.
Vijftien kaartjes met hartjes, een hoop ‘eksootjes’ in m’n agenda. Die ene van de Kermis vond me ook leuk, zei vriendin Kwetter – die heimelijk verliefd op me was – dus vanavond ‘altijd prijs’ of de glinsterende Bonus uit het rad van fortuin. Huiswerkradio schelt door m’n Sony – en het zoveelste happy hardcore liedje zoemt er doorheen. Aangevraagd door Patser, mijn beste vriend en radioverzoekverslaafde.
Bah, zonder kloppen wandelt ze binnen. Ze is getrouwd, maar durft nog steeds tegen Mam niet te vertellen dat ze rookt. ‘Doe mij es een peuk, lelijkerd’ en gaat in de spiegel turen op zoek naar een oogpotlooduitwijking.
En terwijl ik er handig één uitwip en galant voor haar aansteek, zegt ze –zoals altijd, precies het verkeerde – met een bloedserieuze blik: ‘Jezuuus, wat lijk jij op papa, zeg!’
Zo vergalde één zin de rest van mijn puberteit.
©SamRain
Confrontatie

woensdag 16 mei 2012

Aan mijn lieve zus


“Ik zie dat ik voorlopig meer verleden heb dan toekomst.”
                                                                                    - Fran
çois Bon
Als je spreekt van medeleven,
dan huiver ik met een frons;
Wanneer je zegt zorgen te maken,
dan kookt het bloed in mijn aders;
Je spreekt over het leven,
zijnde het een hel op aarde;
Je treurt als een nabestaande,
over hen die levend zijn;
Over alles en iedereen,
ja – dan heb je commentaar;
die is dat, dat is die,
maar het interesseert je nooit;
Kijken in de spiegel – nee,
dat vertik je maar gewoon;
Aan jou zal het niet liggen,
je bent de onschuld zelve;
Op ieder antwoord weet je ’t beter,
op iedere vraag spreekt je mond;
Leugen op leugens iedere keer,
wel eens van de waarheid gehoord?
Waar het hart vol van zit,
kent jouw mond een tsunami;
Waar de ander steekt in de rug,
lach jij nog eens hartelijk na;
Want je bent zo vol van jezelf,
narcissus verjagend zelfs;
Je voelt je zo verheven,
daar in de verte op je wolk;
Maar ik ken jouw duistere geheim,
sinds mijn geboorte al;
Ik lees dwars door je leugen heen,
als een röntgenmachine;
Je luchtkasteel is voor mij een krot,
de smoesjes verloren lucht:
De slangen op je hoofd,
ik zag ze altijd en nu ook;
Ik wil je dan vertellen,
wie en wat je bent;
Maar hoe vertel je zoiets,
aan dove oren?
Daarom schrijf ik je, lieve Zus, wie niet horen wilt, zal maar moeten lezen. Je bent op de vlucht voor het beeld van je overleden vader en de goedkeuring van je moeder; daarom ben je gaan wonen in de wolken, om de regen te ontwijken, de bliksem niet te horen noch de wind te voelen.
©SamRain
Zus